Pitmaster 'vecht met eten'
Met een auto vol keukengereedschap en -apparaten én een grote barbecue ondernamen ze een tocht van ruim 1.400 kilometer. Hirschfeld is pitmaster, ofwel chefkok op houtvuur. Floor heeft een eigen cateringbedrijf gehad. De twee kennen elkaar uit het culinaire circuit. Ze wilden concreet iets doen voor de vluchtelingen. Sinds hun aankomst in het kamp drie weken geleden staat Hirschfeld er nog altijd achter de barbecue om vlees te bakken. Zoals tevoren afgesproken is Van Hooijdonk inmiddels weer terug in Prinsenbeek, maar zij zorgt van hieruit nog voor ondersteuning.
De afgelopen weken is de situatie in het vluchtelingenkamp veranderd, vertelt de buitenkok. Waren er eerst nog zo’n vierduizend monden te voeden, nu zijn dat er in het kamp niet meer zoveel. Er is inmiddels een goede busverbinding met Warschau, zodat de vluchtelingen uit Oekraïne snel kunnen doorreizen.
Honger
,,Maar ondertussen lijden nog wel veel mensen honger’’, is zijn ervaring. Via het Rode Kruis en speciale lijnen gaat het voedsel nu naar de frontlinie, naar burgers en soldaten net over de grens in Oekraïne. ,,Wij bereiden het vlees, portioneren het en verpakken het vacuüm, zodat de mensen het alleen nog in water hoeven opwarmen. In de plat gebombardeerde steden kunnen ze niets met ongeprepareerd eten als ze er niet kunnen koken.’’
Na drie weken dag en nacht werken, voelt Hirschfeld dat de vermoeidheid toeslaat. ,,We beginnen om vijf uur met eieren met spek en dat serveren we hier om half zeven uit.’’ Ze werken bijna de klok rond. De afgelopen dagen heeft hij zo’n vijftienhonderd kilo vlees weggewerkt, en nog eens duizend kilo kip. Slapen doet hij op een stretcher naast zijn barbecue.
Ze hadden recent twee ton vlees gekregen van Vion slachterijen, vertelt hij. Maar veel wordt lokaal ingekocht. Iedereen die wil sponsoren kan dat doen via een Tikkie (klik hier) of door geld over te maken op bankrekeningnummer NL56INGB0002501515 t.n.v. Edward Hirschfeld. Ook vlees is welkom, want koel- en vriescapaciteit is er.
Ramptoeristen
Zijn vermoeidheid hangt niet alleen samen met de lange dagen werken en de sneeuw en regen van de afgelopen week. Als eenpitter vecht hij in het kamp ook tegen de bureaucratie, vertelt hij. Zijn grote ergernis betreft de vrijwilligers die enkele dagen komen ‘werken’ in het kamp vooral om dit via de social media te verkondigen. ,,Ze zijn vooral met zichzelf bezig; het zijn gewoon ramptoeristen, volgens Hirschfeld, die zich er mateloos aan ergert. ,,Het is hier een echte oorlog, waarin je echt moet vechten. Ik vecht met eten. Wij draaien een professionele keuken; hier moet gewerkt worden. Maar die lui kunnen niet eens niet koken.’’
Hoe lang hij nog doorgaat met bakken achter de grote barbecue weet hij niet precies. ,,We hebben nu goede lijnen opgezet; het begint goed te lopen. Ik denk dat ik nog minimaal vier weken blijf, maar hoop natuurlijk vooral dat die oorlog stopt.’’ Voor hij verder gaat, moet hij eerst even bijkomen, zoveel is wel duidelijk. ,,Ik ben kapot, nog één partij vlees en dan gaat de barbecue twee dagen op slot. Want ik laat ‘m natuurlijk niet door anderen vernachelen.’’
Voor een eerder artikel: klik hier.



















