Groenrijk 728 100920
  1. Zeventig jaar vriendschap: ‘We zijn elkaar gewoon altijd tegen blijven komen’

    Ad Goos uit Prinsenbeek en Jan van den Bliek uit Princenhage, beiden 75 jaar, zijn al zeventig jaar vrienden. ,,We zijn elkaar gewoon altijd tegen blijven komen’’, verklaren ze hun jarenlange hechte band.
    • Ad Goos (links) en Jan van den Bliek.
    • Jan (links) en Ad in 1969.

    Het begon allemaal op bewaarschool ‘de oude kaste’ aan de Dreef in Princenhage, vertellen ze in de achtertuin van de woning van Ad aan de Harmonielaan. ,,Mijn ouders huurden grond bij Jan thuis en als ik vervelend was op de akker zeiden ze, ga maar bij Gijs Bliek spelen.’’ Om er meteen lachend aan toe te voegen dat hij dus eigenlijk geen keus had. ,,Ik kon niet weg.’’

     

    Gekheid en grappen

    Gekheid en grappen vormen de rode draad door hun vriendschap, zo wordt tijdens het praatje deze middag wel duidelijk. ,,Wat hebben we altijd een plezier gehad.’’ En dat niet alles het daglicht kon verdragen, bewijst het verbod van Jan om gebeurtenissen op Prinsenbeeknieuws.nl te delen. ,,Dit moet je niet opschrijven!’’, zegt hij minstens vijf keer.

     

    Ze zaten allebei op de St. Bernardus lagere school in Princenhage. Toen ze een jaar of acht waren heeft Ad hem nog van de verstikkingsdood gered, vertelt Jan. ,,Hij had een das om zijn nek en kreeg ‘m niet meer los’’, aldus Ad. ,,Daar heb ik nog spijt van’’, moet er toch nog even achteraan. Want soms lijkt het wel alsof zijn alter ego BAK-kletser Arie Bombarie aan het gesprek deelneemt.

     

    Later gingen ze naar dezelfde ambachtsschool, Don Bosco in Etten-Leur, bij de Broeders van Liefde. ,,We zagen elkaar niet wekelijks, maar hebben wel altijd contact gehouden.’’ Iets afspreken deden ze nooit. ,,Bij de dansles bij Peemen-Dado aan de Bavelselaan zagen ze elkaar weer meer regelmatig. ,,Tevoren een frietje eten aan de Dreef in Princenhage en altijd een biertje drinken, dat hoorde er ook bij.

     

    Ponyclub

    Ze zaten samen bij De Jonge Boerenstand en eind jaren zestig belandden ze beiden bij de ponyclub in Princenhage, bij De Jonge Paardenvriend, waar ze commandant werden. ,,Daar hebben we zoveel jaren, zoveel plezier gehad. Daar kunnen we boeken over schrijven. En we boekten ook uitstekende resultaten, zijn zelfs nog bondskampioen geworden bij de achttallen.’’

     

    Als het over de ponyclub gaat, weten de vrienden niet meer van ophouden. Over de ponykampen en de gekheid die ze samen uithaalden. ,,We hebben samen zeker tien jaar bajes tegoed’’, weten ze wel. ,,Zoals toen we op de paardenkar zaten, bovenop de aanhanger, en de bestuurder van de auto gewoon over de snelweg reed. Als we alles vertellen, zitten we hier vanavond nog.’’ Tot de paardenvereniging drie jaar geleden stopte, waren de mannen er nog bij betrokken. Jan was ook jarenlang speaker en ze hielpen met het opbouwen van het parcours.

     

    Op het ponykamp in Baarle-Nassau leerde Jan zijn vrouw Joke kennen. Daar heeft zijn maat Ad naar eigen zeggen nog voor gezorgd. ,,Hij moest van mij met haar dansen’’, aldus Ad, die zijn eigen echtgenote An al eerder op de dansles had ontmoet. En gelukkig konden de dames het ook goed met elkaar vinden.

     

    Collega's

    In hun werkzame leven hadden ze zelfs een paar keer dezelfde baas. Zo werkte Ad op zeker moment bij het revalidatiecentrum. Jo ging daar wat later huishoudelijk werk doen en daarna kwam Jan er ook in dienst. ,,Daar zijn we vijftien jaar collega’s geweest.’’ Met zestig jaar gingen ze allebei met pensioen.

     

    Eigenlijk ging alles altijd zowat per ongeluk, verklaren de mannen hun levenslange samen optrekken. En dan volgt weer een van hun ontelbare anekdotes. Jan: ,,Toen we Sinterklaas speelden, had jij nog bijna m’n nek gebroken.’’ Ad: ,,Bij ons loopt het eigenlijk altijd op een nette manier fout af.’’

     

    Ook op serieuze momenten waren ze er altijd voor elkaar, benadrukken ze. Ad hielp Jan bij het afwerken van zijn huis. ,,We helpen elkaar gewoon, daar hoeven we nooit over na te denken.’’ Ook als er iets aan de hand was, stonden ze er. Toen Jo in het ziekenhuis lag bijvoorbeeld, toen kookte An daar. En ook in periodes van verdriet konden ze van elkaar op aan. Zoals bij het overlijden van de zoon van Ad en An. ,,Ge was er gewoon voor elkaar, in vreugde en verdriet.’’ Ook nu Jan sukkelt met zijn gezondheid, is Ad er voor hem.

     

    'Ge was de leste die wegging'

    Dan volgt meteen toch weer een lach, als Jan vertelt over toen Jo in het ziekenhuis lag. ,,Ad en An waren 25 jaar getrouwd en ik kwam alleen langs om even te feliciteren.’’ Ad vervolgt: ,,Ik blijf niet lang, zei jij, maar ge was de leste die wegging.’’

     

    ,,Deze vriendschap gaat automatisch, daar hoeven we nooit over na te denken.’’ En zelfs nu, na zoveel jaren, komen ze elkaar nog weleens toevallig zomaar ergens tegen. Ad: ,,Pas nog gingen we fietsen, en wie zien we daar In den Anker in Rucphen: Jan en Joke!’’

    Maandag 29 juni 2020
    Prinsenbeekvriendschap
    • Ad Goos (links) en Jan van den Bliek.
    • Jan (links) en Ad in 1969.
    Reacties